De Europese Gemeenschap van Kansspelautoriteiten

De vlaggen van de Europese UnieHet was één van de aanbevelingen van het Europees Parlement aan de Europese Commissie: zorg voor samenwerking tussen de verschillende kansspelautoriteiten in de Europese Unie. Het laat zich een beetje aanzien dat de EC daar niet al te veel aan hoeft te doen. Van drie grote landen hebben de kansspelautoriteiten zich inmiddels aan het front gemeld voor gezamenlijk overleg en uitwisseling: Frankrijk, Italië en (vers van de pers) Spanje.

Nu is een theekransje van Ksa’s nog geen garantie voor een soepeler verloop van regulering van kansspelen, met bijvoorbeeld een doelmatiger systeem van uitgifte van vergunningen, het afstoppen van stiekeme bevoordeling van voormalige monopolies en het wegharken van regeltjes, die strijdig zijn met de spelregels van de Europese Unie. Het laatste heeft dan meestal te maken met vrije vestiging, niet alleen van de kantoren, maar ook van de servers, vrij bankverkeer en beperking van het aantal aanbieders. Want dat mag wel in een stelsel rondom een restrictief kansspelbeleid, maar niet in een systeem dat een open markt heet te zijn, maar ondertussen allerlei beperkingen aanhoudt wie wel en niet mee mogen doen. Zoals in België, waar de Kansspelcommissie van dienst alleen bedrijven mag toelaten, die al een vergunning hebben voor een vergelijkbare landactiviteit.

Onze nieuwe communiteit heeft nog geen naam, er wordt slechts gesproken over een Memorandum of Understanding. De titel boven dit stuk moet u dus maar zien als een werknaam. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd, vooral als de afzonderlijke autoriteiten ook daadwerkelijk iets vruchtbaars tot stand kunnen brengen. Ik noemde in de vorige alinea  al een paar knelpunten, waar de operators tegen aanlopen. Maar het begint eigenlijk al bij de inschrijvingen op de uit te geven licenties. De papierwinkel is onbeschrijfelijk en kan zo ontzettend veel eenvoudiger als overheden niet elke keer het wiel zelf willen uitvinden. Laat de Nederlandse overheid straks het goede voorbeeld eens geven en als basis gebruiken waarin anderen al zijn voorgegaan. Dat scheelt een hele hoop kopzorgen, nutteloze manuren en een bos vol bomen. Natuurlijk kan elk land zelf accenten leggen of specifieke eisen stellen. Maar door die te separeren van de bulk van de informatie, kan het allemaal veel sneller en overzichtelijker.

In die zin is het jammer dat Juan Carlos Alfonso van de Loterias y Apuestas del Estado (LAE), de Spaanse kansspelautoriteit, nu pas contact heeft gezocht met de zittende leden AAMS (Italië) en ARJEL (Frankrijk). Positief is zijn idee om te komen tot een gedeeld Europees kansspelmodel, om het grijze aanbod voor te zijn en een sterk vergunningsbeleid te voeren. Ook het kunnen aanbieden van grensoverschrijdende spellen (het liquidity model genoemd) staat op de agenda, iets waar ook AAMS en ARJEL al over gerept hebben. Vooral het online poker en de sportweddenschappen kunnen van zo’n model profiteren.

Nog even een tip voor de Nederlandse politiek: ga te rade bij de drie directeuren van de Verenigde Ksa’s over de heffingswijze straks. Frankrijk kent weliswaar een stelsel van heffingen over de inleg, maar directeur Vilotte van de ARJEL heeft al meerdere keren te kennen gegeven dat hij dit graag anders ziet. De ondernemers hebben een zeer uitgesproken voorkeur voor een systeem, waarbij over het bruto spelresultaat belasting wordt afgedragen. De Fransen hikken nu nog steeds tegen een groot grijs/zwart circuit aan, omdat de gelegaliseerde operators geen concurrerende winstuitkeringen kunnen realiseren en aan hun eigen profit ook nauwelijks toekomen. En regel nummer één in het economisch verkeer moet toch echt zijn dat je ondernemers hun rendement gunt.