Monopolie spelers wachten nu op de Europese rechters

by Jaap J.M. Vos on December 19, 2009, 16:30

Franssen, Justine -advocaat

Op deze site en zo ongeveer alle andere sites van kansspelbedrijven en hun affiliates heeft het verhaal gestaan van de advocaat-generaal van het Hof van Justitie van de Europese Unie, die in een advies aan de rechters de Nederlandse overheid lijkt te bevestigen in haar restrictieve beleid inzake het aanbod van kansspelen in Nederland. Hoewel de advocaat van Betfair, Justin Franssen (foto), nog een lichtpuntje zag omdat de advocaat-generaal ook gesteld heeft dat er wel sprake moet zijn van een soort open inschrijving op het verkrijgen van vergunningen om kansspelen aan te bieden, lijkt het voor de kansspelaanbieders, zeker voor diegene die hun aanbod online doen, een lastige missie te worden.

Yves Bot is van 1947, maar om te spreken van een star en conservatief standpunt is niet juist. Zijn probleem is dat hij iets langs de lat van de Europese wetgeving moet leggen over een onderwerp dat niet in Europees verband geregeld is. Het subsidiariteitsbeginsel is hier van toepassing, wat betekent dat de Europese Unie niet regelt wat nationale overheden zelf af kunnen. Eén van de belangrijkste taken van een overheid is het beschermen van haar burgers. Onder die paraplu schermen een aantal lidstaten de kansspelmarkt af voor buitenlandse ondernemingen en beschermen daarmee hun eigen nationale instituten, die derhalve een monopoliepositie hebben. Justin Franssen heeft gelijk (in het Financieel Dagblad van 18 december) als hij van een lichtpunt spreekt dat Yves Bot die monopolieposities op zichzelf heeft veroordeeld. Maar om dit –in dat opzicht- een klinkende overwinning te noemen, lijkt me voorbarig. Advocaat-generaal Bot heeft daarvoor ook een wat vage sluipweg geboden aan overheden, als er huns inziens dringende redenen zijn om een vergunning aan één partij te geven, zonder een publieke inschrijving te openen. Het is te hopen dat de rechters dat wat scherper zullen stellen, zodat ook onze nationale rechters houvast hebben aan het eindoordeel van het (Europees) Hof. Het zou heel goed kunnen dat onze minister van Justitie uiteindelijk gaat of moet besluiten om het vergunningsstelsel te veranderen en open inschrijvingen toe te staan. Of dat Ladbrokes en Betfair, want om hen ging het, op de Nederlandse markt kan brengen is de vraag, maar geen utopische. Het zou zelfs denkbaar zijn dat de Nederlandse Hoge Raad, dan wel de Raad van State, de huidige vergunningen ongeldig acht, vanwege het ontbreken van zo’n publieke inschrijving. U als lezer moet daarbij voor ogen houden dat het deze twee organen geweest zijn, die de zaak hebben voorgelegd aan het Europees Hof met de vraag of het Nederlands beleid in overeenstemming is met Europees recht. Nu het accent op fraude, criminaliteit en gokverslaving ligt en daarmee op de bescherming van de burgers tegen deze praktijken, heeft de overheid in elk geval een stevig aambeeld waarop gehamerd kan worden. Voor hetzelfde geld zou je kunnen zeggen dat de overheid dan onmiddellijk Holland Casino de vergunning zou moeten afpakken omdat deze organisatie al meerdere keren ernstig tekort is geschoten in die beschermende functie. Ladbrokes, Betfair en vergelijkbare organisaties zouden wel eens heel wel in staat kunnen blijken te zijn een Nederlandse rechter ervan te overtuigen dat zij dit beter kunnen. In dat opzicht is er voor hen nog niets verloren, al wordt het afwachten waar de rechters straks de accenten zullen gaan leggen.

De grote verliezers aan aanbodzijde lijken de online casino’s te zijn. Als we de conclusies van de advocaat-generaal even in plat Hollands vertalen, dan zou je kunnen zeggen dat hij tegen de online aanbieders zegt: “Je kunt een vergunning hebben in een lidstaat van de Europese Unie en aan alle voorwaarden voldoen die daarvoor nodig zijn, maar als een andere lidstaat vindt dat je bij hen niets te zoeken hebt, dan dien je op te duvelen.” Omdat hiermee de weg vrij lijkt voor overheden om regelrechte censuur toe te passen als wapen in de strijd tegen online kansspelaanbieders, zullen de rechters hier ongetwijfeld nog eens goed naar kijken. Stel dat de Nederlandse overheid besluit om in elk geval een vergunning uit te gaan geven voor het aanbieden van online kansspelen, maar ook die vergunning op voorhand aan één partij zal toewijzen en niet meer. Dan neemt de overheid geen stelling meer tegen het aanbieden van online kansspelen op zichzelf, maar wil zij haar eigen markt reguleren. Dat mag, maar of dat een vrijbrief is om bijvoorbeeld websites af te laten sluiten en burgers te verhinderen om uit vrije wil gebruik te maken van dienstverleners in het buitenland, is de vraag. Het komt mij voor dat Yves Bot, met alle respect voor ’s mans grote juridische kwaliteiten, met de internetaspecten aan de kansspelaffaires niet goed raad weet. Het internet is als een vogeltrek: het laat zich niets aan nationale grenzen gelegen liggen. Dat informatie over een pokerroom ook in het Nederlands op een website kan worden gevonden, behoeft nog niets te betekenen. Een website is geen bedrijf op zich, het is een marketing instrument, een loket naar het bedrijf erachter en het aanbod dat het bedrijf geeft. Bot is van mening dat zo’n bedrijf zich niet op de Nederlandse markt mag richten, als de Nederlandse overheid dat niet wil, tenminste als het om kansspelen gaat. Maar kun je dat hard maken als het bedrijf in kwestie op de Nederlandse markt geen reclame maakt? Nederlanders wonen tenslotte over heel Europa en willen zich ook kunnen informeren als ze in Nederland zelf zijn. Op een klein eiland als Malta wonen al bijna duizend Nederlanders! Het is trouwens een fluitje van een cent om een website in zijn geheel naar een ander domein te verhuizen, de klanten daarvan in kennis te stellen en de Nederlandse overheid aldus te dwingen om weer nieuwe actie te gaan ondernemen. Dat lijkt een heilloze weg, nog afgezien van het feit dat het overgrote deel van de burgers, zelfs als ze het met het restrictieve overheidsbeleid ten aanzien van kansspelen eens zijn, waarschijnlijk grote moeite zullen hebben met een dergelijke vorm van censuur. Het aanbieden van een online pokertoernooitje, ook al mag het in Nederland niet, is iets anders dan het publiceren van pornografische handelingen met kinderen op het web, het oproepen tot discriminatie of geweld. En daartegen heeft de overheid al vrijwel geen verweer en het lijkt me toch waarachtig wel dat het bestrijden van dergelijke publicaties oneindig meer prioriteit moet hebben.

Het kan nog leuk worden in kansspelland!

Deze post staat in de categorie Nederlands Casino Nieuws .

Comments on this entry are closed.

Previous post:

Next post: