In het artikel van gisteren op deze site ‘Rapport KVI: internetpoker moet uit de illegaliteit’ is stilgestaan bij de opdracht van de Adviescommissie Kansspelen via Internet en hun voornaamste conclusie, namelijk dat pokeren via het internet moet worden gelegaliseerd. Vandaag het vervolg op dit artikel, dat vooral zal gaan over de discussiepunten, die de commissie heeft benoemd, de haken en ogen van een eventuele legalisering en de problemen, die de overheid kan ontmoeten als er daadwerkelijk een koerswijziging plaats gaat vinden.
Het voorstel om tot een proef te komen met poker via internet is in 2008 door de Eerste Kamer getorpedeerd. Ook in de Tweede kamer wordt over het algemeen negatief gedacht over uitbreiding van kansspelen in ons land. Die tegenstand zit zowel aan de linker- als aan de rechterkant van het politieke spectrum. Gisteren kwam echter het onverwachte bericht van PVDA huize (via Lea Bouwmeester, woordvoerder kansspelbeleid voor haar partij in de Tweede Kamer) dat ze vond dat ook casinospelen maar gelegaliseerd moesten worden omdat de huidige wetgeving niet langer aansluit bij de praktijk, namelijk dat zeer veel mensen probleemloos via het internet gokken en spelen. Zij wil zelfs met een eigen initiatiefwet komen in oktober om dit mogelijk te maken. Ook Holland Casino heeft zich uitgesproken voor een drastischer uitbreiding, dan alleen maar poker, maar daar zit een eigenbelang bij, omdat Holland Casino graag zelf een online casino wil opzetten. Daar teken ik bij aan dat Holland Casino natuurlijk hele mooie live spelsituaties kan inbouwen.
De opstelling van de PVDA is een ommezwaai. Vorig najaar nog joegen Lea Bouwmeester en Jan de Wit (SP) de minister nog op om vooral keihard werk te maken van het blokkeren van het betalingsverkeer tussen (buitenlandse) online casino’s en hun Nederlandse klanten. Lea Bouwmeester stond overigens wel open voor proeven met pokeren via internet en zij is ook van mening dat Holland Casino geprivatiseerd moet worden. De minister heeft dat laatste idee verworpen, omdat hij dan marktwerking in de kansspelsector zou toestaan en de positie van de overheid bij lopende rechtszaken (Betfair, Ladbrokes) zou bemoeilijken en ook bij nieuwe vergunningen andere, buitenlandse, partijen niet langer zou kunnen weghouden.
Ook als de PVDA niet in de regering zit is de partij een factor van betekenis in de Tweede Kamer. De vraag is niet alleen of een uitbreiding van internetkansspelen tot de groep casinospelen politiek haalbaar zou zijn, de vraag is ook of de overheid die tweedeling wel overeind kan houden. Met het toestaan van poker via internet en het opvolgen van het advies van de commissie Jansen om daar buitenlandse ondernemingen bij te betrekken (PokerStars, PartyPoker, Everest en Unibet) is de vraag op welke juridische gronden je pokeren wel zou toestaan en blackjack niet, om maar iets te noemen. De commissie noemt twee argumenten. De eerste is dat bij poker de deelnemers tegen elkaar spelen en de tweede dat het verslavingsrisico bij poker gering is.
Bij het eerste argument wordt het gegeven, dat je bij casinospelen tegen de bank speelt, als een bezwaar genoemd, omdat de speler de uitkomst niet kan controleren. Dat is niet helemaal juist. De speler kan bijvoorbeeld zorgen dat hij uitsluitend bij online casino’s speelt, die een eCOGRA certificering hebben, of vergelijkbaar. eCOGRA is een neutrale organisatie, die zich uitsluitend richt op het belang van de spelers. Veel aanbieders van online casinospelen publiceren ook maandelijks hun uitkeringspercentages, die gecontroleerd worden door erkende accountants. Dit argument is dus niet echt steekhoudend. Interessant is in dit verband ook wat de commissie zegt bij voorwaarden voor een nieuw vergunningsstelsel in relatie tot een eerlijk spelverloop: ‘Er bestaat in diverse Europese landen wet- en regelgeving, die als model gebruikt kan worden.’ En een regel verder: ‘zonder eerlijk spel lopen de klanten immers weg’. Kijk, kijk, we kunnen elders nog wat leren en de consumenten worden hier als volwassenen gezien, die zich echt niet zo makkelijk in de luren laten leggen door eventuele malafide aanbieders.
Dan het tweede argument. Het lage verslavingsrisico bij poker is uit recent onderzoek van het IVO (Instituut voor verslavingsonderzoek) gebleken, maar zoals ik eerder al schreef*, ook voor gewone online casinospelen is geen enkele grond gevonden dat dit tot een grotere hulpvraag bij de verschillende instanties leidt. Al jaren achtereen daalt die hulpvraag, terwijl het aantal landcasino’s gestaag uitbreidde en het aantal spelers op het internet explosief groeide.
Zie mijn uitgebreide artikel ‘De kaarten op tafel…’ van 17 juli 2010 op deze website.
Het juridisch kader
In het Rapport Kansspelen via Internet is ook uitgebreid aandacht besteed aan de Europese situatie. Daar heeft de commissie niet veel steun aan kunnen ontlenen, omdat het beleid in Europa volledig versplinterd is. De commissie concludeerde echter wel dat waar binnen de Europese Unie beweging in de markt te zien is, die steeds gericht is op uitbreiding van kansspelen en nimmer op inkrimping. Het Europees Hof, zo merkt de commissie terecht op, geeft in feite de lidstaten behoorlijk veel vrijheid om hun kansspelbeleid naar eigen believen in te richten. Maar daar zitten wel een paar stekeligheden in, die bij een nieuw internetregime wel eens zouden kunnen gaan knellen. De lidstaten die een restrictief beleid voeren, zoals Nederland nu doet, zetten namelijk een belangrijke doelstelling van de Europese Unie opzij, namelijk het hanteren van een vrij verkeer van diensten (bekend als artikel 49). Het Europees Hof vindt dat prima mits er sprake is van een dwingend algemeen belang, een ‘rule of reason’. Die ‘rule of reason’ kan op verschillende gronden tot stand komen, morele, religieuze of culturele. Economische afwegingen echter mogen geen rol spelen. Nederland beroept zich op de drie hoofdpijlers van haar beleid: het tegengaan van kansspelverslaving, het bestrijden van criminaliteit en consumentenbescherming, met een accent op het beschermen van kwetsbare groepen (jongeren bijvoorbeeld). Als er een nieuw internetregime komt, dan zal met deze doelstellingen ook rekening gehouden moeten worden. Maar in hetzelfde kader kun je ook de casinospelen toelaten, want de aard daarvan is niet verschillend van poker op internet. De omvang is zelfs een stuk geringer. Waar je dus beschermende constructies inbouwt om je beleidsdoelstellingen overeind te houden, kun je dat net zo goed voor het hele kansspelaanbod doen. Bovendien heeft het Europees Hof ook bepaald (en de Adviescommissie KVI heeft dat terecht aangehaald), dat als je beperkingen inbouwt om je doelen na te streven, dit op een samenhangende en stelselmatige wijze moet doen, dit heet het ‘geschiktheidscriterium’ en er wordt in verschillende arresten aan gerefereerd.
Is bij vrijgave van het poker via internet nog wel sprake van zo’n samenhangend beleid? En hoe plaats je dan de economische paragraven van de commissie hier tegenover? Deze bijvoorbeeld in het vijfde hoofdstuk “Contouren van een Vergunningsstelsel”:
[quote] ‘Poker wordt in Nederland legaal alleen door Holland Casino aangeboden, en vertegenwoordigt slechts een zeer klein deel van de bedrijfswinst. Dit betekent dat het potentiële omzetverlies ten gevolge van de legalisatie van internetpoker (‘kannibalisatie’) minimaal is. Daarentegen wordt bijvoorbeeld roulette aangeboden door zowel Holland Casino als de speelhallen, en is het potentiële omzetverlies groter en voor meer bedrijven voelbaar. Hoe groter het potentiële omzetverlies bij legalisatie is, hoe groter de maatschappelijke weerstand zal zijn.’ [unquote]
Dit is nu precies waarvan het Europees Hof zegt dat het als argument niet kan dienen om kansspelen te beperken. Dat de commissie oog heeft voor de belangen van de huidige aanbieders is prima, maar het kan en mag geen argument zijn voor het inrichten van het kansspelbeleid. Bovendien is de gedachtegang achter het citaat nogal discutabel. Want nu al wordt er door honderdduizenden roulette en dergelijke gespeeld via het internet. Dat is lang aan de gang, legalisatie zal echt niet inhouden dat plotseling de bezoekers van Holland Casino en de speelhallen massaal weg gaan blijven om naar het internet te gaan. Die mogelijkheid hebben ze nu al, legaal of niet. Bovendien kan het ook andersom werken. Door een verantwoord aanbod van casinospelen via internet aan te bieden, kan er ook een nieuwe doelgroep ontstaan voor het Holland Casino en de speelhallen. De zinsnede over de maatschappelijke weerstand lijkt me helemaal uit de lucht gegrepen. De hele discussie over ja dan nee legaliseren gaat aan een groot deel van het Nederlands publiek voorbij. Zelfs politiek is er nog geen sprake van opgewaaid stof, behoudens dan de reactie van Lea Bouwmeester (PVDA).
Het doorlopend vraagstuk van de handhaving
De commissie heeft uiteraard ook aandacht besteed aan maatregelen, die de overheid zou kunnen nemen om aanbieders van internet kansspelen, die geen vergunning hebben, aan te pakken. Hierbij zijn geen nieuwe inzichten getoond, maar wel enig realiteitsgevoel als de commissie zegt dat ze blokkeringen van internet service providers en payment service providers zien als een noodzakelijke weg, die echter niet gemakkelijk zal zijn in verband met het maatschappelijk draagvlak. Maar onduidelijk is waarom de overheid deze weg zou moeten gaan bewandelen. Beide maatregelen leveren weerstand op met een zeer ongewisse uitkomst. Noch de banken, noch de internetproviders, zijn blij met dit soort toestanden. Er is wellicht een alternatief…
Net als in veel ‘gewone’ marktsegmenten valt ook in de kansspelsector een duidelijke toplaag van aanbieders te definiëren. Bedrijven, die zich houden aan de spelregels van het land waar ze te gast zijn. Zou de toekomstige Kansspelautoriteit niet veel beter een register kunnen aanleggen van bedrijven, die zich conformeren aan de Nederlandse wetgeving, zoals die straks, na de liberalisatieslag, van toepassing zal zijn. Dit register is uiteraard openbaar. In landen als Italië en Frankrijk is een duidelijke trend waarneembaar dat de consumenten geneigd zijn, bij voldoende keuze, te gaan spelen bij aanbieders met een vergunning in hun land. Een registervermelding kan hetzelfde effect hebben als een vergunning. Aangenomen mag worden dat het overgrote deel van de kansspeltransacties zullen gaan tussen consumenten en registeraanbieders. De markt zal verder het werk doen. Aanbieders, die niet goed georganiseerd zijn qua spelaanbod, qua service, qua transparantie en qua betrouwbaarheid zullen in het nieuwe bestel vanzelf verdwijnen of niet kunnen opbloeien. Eventuele maatregelen beperk je tot de aanbieders die de consument daadwerkelijk beduvelen of die handelen in strijd met de uitgangspunten van ons kansspelbeleid, die onverkort gehandhaafd kunnen blijven: het tegengaan van kansspelverslaving en criminaliteit en het bieden van de best denkbare consumentenbescherming. Deze malafide aanbieders worden op een zwarte lijst geplaatst. Voor dit soort aanbieders mag ook geen reclame worden gemaakt en ze kunnen uiteraard worden afgesloten van het internet.
In dat verband is ook een mooie rol weggelegd voor de ondersteunende sites, de zogeheten affiliates, die de aangewezen partijen zijn om dat hele proces te volgen, te verslaan en de consumenten te attenderen op de actuele stand van zaken. Zodat consumenten ook weten bij ze wie legaal en veilig kunnen spelen. Deze sites kunnen gewoon blijven berichten over acties en nieuwe spellen en over ontwikkelingen in de hele branche, zoals nu ook gebeurt. Ook deze affiliates komen in een register te staan. Affiliates, die reclame maken voor malafide aanbieders, worden op een zwarte lijst geplaatst en kunnen worden afgesloten van het internet. Dit scheelt de Kansspelautoriteit een enorme hoeveelheid werk met uiteindelijk de consument als grote winnaar, want die mag vrijuit spelen, heeft voldoende keuzevrijheid en is afdoende beschermd tegen boze geesten!
Het Rapport Kansspelen via Internet is te downloaden via een link op de site van het ministerie van Justitie.
Deze post staat in de categorie Nederlands Casino Nieuws .




Comments on this entry are closed.